Frans
Ik stel vast dat je je laten verleiden hebt tot de aankoop van bruingeel in het bezit van de kobaltfactor. Merk je op dat de benaming bruinkobaltgeel niet gebruik? Dat doe ik met opzet. Zoals je weet ben ik er heilig van overtuigd dat in de (zeer nabije) toekomst alle vogels waarbij men maximale eumelanine en maximale feomelanine eist in het bezit zullen zijn van de kobaltfactor.
Ik stel vast dat je ook bewust hebt gekozen voor de bruinserie. Een verstandige keuze, want in de zwartserie is het nog moeilijker. Bij deze kleurslagen zal men in de (zeer nabije) toekomst ook nog eens de azulfactor moeten infokken wil men topkwaliteit bereiken.
Je weet ondertussen ook wel waarom ik zo affirmatief en zonder twijfel in deze richting denk. Vogels die in het bezit zijn van een factor waardoor deze nog beter beantwoorden aan de standaardeisen kunnen alleen maar meer punten krijgen. Keurders kunnen immers nooit bewijzen dat een verhoging van bv. het feomelaninebezit te wijten is aan een doorgedreven selectie, het inbrengen van de kobaltfactor en/of dat zich beide fenomenen zich voordoen. In het andere geval zou ik niet graag in de schoenen van een keurder willen staan die, bij kleurslagen waar men maximale eu- en feomenaline eist, zou moeten neerschrijven dat ze teveel feomelanine bezitten.
Wat je vraag nu betreft.
Wat kan er mis zijn met een onverwante paring kobalt x kobalt?
Het is opmerkelijk dat je die vraag stelt. Dit betekent dat je met een onderliggende vraag zit die je ofwel niet kan/wil verwoorden of je twijfels hebt aan paringen van vogels die beide in het bezit zijn van een mutatie.
Laat me dan ook even gissen en laat ik beginnen met het laatste.
Ik geloof dat een mutatie die een melaninevermeerdering geeft geen enkel probleem geeft wat onderlinge paringen betreft. Wel is het natuurlijk op te passen dat men geen vogels kweekt die een zo dichte bloedverwantschap hebben dat er degeneratieverschijnselen kunnen optreden. Ik stel ook vast dat je zo affirmatief spreekt van een onverwante paring. Ik vermoed dat de huidige generatie kobaltvogels - in wiens handen deze ook zijn - nog steeds een zeer dichte verwantschap hebben.
Nu probeer ik even te gissen i.v.m. de onderliggende vraag. Wat zou dit allemaal kunnen zijn? Spontaan denk ik dan aan het volgende.
Zijn deze vogels homozygoot. Dit wil zeggen vererven ze alleen datgene wat men fenotypisch kan waarnemen? Om hier een antwoord op te krijgen moet je natuurlijk proefparingen verrichten. Deze vogels kunnen split zijn voor allerlei andere mutaties, zoals: pastel, opaal, topaas, feo, azul, ... Ze kunnen ook uit paringen komen met mozaïek hetgeen dan weer resulteert in een niet-homogeen lipochroombezit. Je moet immers weten dat men met de kobaltfactor al heel wat geëxperimenteerd heeft.
Is het raadzaam om de aangekochte vogels op elkaar te zetten?
Ik denk van wel, althans de eerste ronde. Zo heeft men onmiddellijk een zicht op het homozygoot zijn van deze vogels en versterkt men de eigenschappen van de aangekochte exemplaren. Uiteraard ook een paring verrichten met geen kobaltvogels maar met vogels die meer de eigenschappen bezitten van de Noorderse landen. T.t.z. meer feomelaninbezit. Op deze wijze kweekt men dan ook materiaal waarmee men ene paar jaar verder kan.